Zie de mens!

Lees de patient tegenover u in de spreekkamer

Na deze Masterclass hebt u op verrassende wijze inzicht verkregen in zowel de ontstaansgeschiedenis van onze huidige mensbeelden als in de relevantie van deze kennis voor uw (klinische) beroepspraktijk. U zult verrast zijn tot welke inzichten dit leidt en er meteen mee aan de slag willen in uw dagelijks werk.

Ons mensbeeld

De mens is een wezen dat zich niet zo gemakkelijk laat definiëren; hoe wij onszelf zien verandert ook voortdurend onder invloed van wetenschappelijke en filosofische ontwikkelingen. Dit is niet alleen interessant vanuit intellectueel perspectief. Ons mensbeeld beïnvloedt alle praktische discussies die we voeren - of die nu gaan over eigen verantwoordelijkheid in de zorg, of over de optimale manier om een groep professionals aan te sturen.
In deze masterclass gaan we in op de vraag op welke manier wij, laat-moderne mensen, onszelf zien en hoe dit menstype in de loop van de geschiedenis is ontstaan. Naast de klassieke filosofen staan we daarom uitvoerig stil bij de denkers uit de Verlichting en de Romantiek, en diegenen die uit deze tradities zijn voortgekomen, zoals Nietzsche, Sartre, Kierkegaard en Freud.

Van groot belang in het werk van iedere arts

Als arts maakt het nogal wat uit of je je patiënt vooral als een fysisch systeem ziet (‘we zijn ons brein’), of als een wezen dat volledige keuzevrijheid heeft (en de daaraan gekoppelde verantwoordelijkheid), zoals bijvoorbeeld Sartre dat dacht. Het mensbeeld dat je hebt, bepaalt dus mede hoe je je verantwoordelijkheden als zorgverlener ziet, deze vormgeeft, en wat je verwacht van degene die tegenover je zit. Tegelijkertijd is het zo dat de mensbeelden die we hebben ook bepalen of we iets als een probleem zien of niet.

Hoe is ons mensbeeld ontstaan?

Hoe wij onszelf zien (ons mensbeeld) is echter geen natuurlijk gegeven, maar kent een ontstaansgeschiedenis die teruggaat tot de tijd van Socrates. Wij bekeken de wereld vooral vanuit ons eigen perspectief, handelen vooral op basis van ons eigen gevoel, en vinden dat we ons in ons handelen op eigen wijze moeten ontplooien. Maar deze moderne visie, hoe vanzelfsprekend ze voor ons ook is, is niet ‘natuurlijk’ maar ontstaan in het werk van Descartes en in de afgelopen eeuwen verder ontwikkeld.

Door de eeuwen heen tot in het hier en nu

In deze Masterclass volgen we de geboorte van de moderne mens in de 16e eeuw, de verdere ontwikkeling tijdens de Verlichting, de spanningen die worden veroorzaakt door de opkomst van het protestantisme en de romantiek, culminerend in de tumultueuze 19e eeuw, waar het werk van Schopenhauer en Darwin van grote invloed is op het denken van Nietzsche (die de mens als ‘meest zieke dier’ kenschetst) en Freud (‘Het ik is geen baas in eigen huis’). Met name het werk van Nietzsche dreunt na tot in onze tijd: de manier waarop wij nu naar onszelf kijken is in belangrijke mate een reactie op “de dood van God”, zoals door Nietzsche is afgekondigd.

Onderwerpen

  • Wat is ‘de menselijke natuur’?
    Iedereen heeft een mensbeeld – dat mensbeeld bepaalt onder andere wat je goed/fout/normaal/wenselijk vindt, wat je denkt van anderen en jezelf te mogen verwachten en wat een goed of zinvol leven (of goede dood) is. Mensbeelden spelen dus altijd een rol in de interactie tussen artsen en patiënten, tussen artsen en hun collega’s of tussen artsen en andere perifere partijen.

  • Plato, Aristoteles en Freud: het harmoniseren van de ziel
    Zowel in yogaklassen als in time managementcursussen en medisch leiderschap-trainingen krijg je te horen dat je ‘in balans’ moet zijn. De vraag is echter of de mens iets is wat in balans kán zijn, en hoe dat er in de praktijk uit zou kunnen zien. Achterliggend is er de nog belangrijker vraag of de mens uiteindelijk zijn eigen doelen bepalen kan. Volgens Aristoteles is dit het geval. Volgens Freud is de mens uiteindelijk ‘geen baas in eigen huis’. Een debat met verstrekkende gevolgen – ook voor zoiets relatief kleins als de discussie over therapietrouw.

  • Het Christendom: imperfectie. Het kwaad, verticale transcedentie en de relatie met God
    Het protestantisme en kapitalisme, Hindoeïsme en Boeddhisme
    Ons moderne mensbeeld is flink gekleurd door het Christendom. Los van de arts als messiaanse figuur, is met name de discussie over het kwaad (en dan met name natuurlijk kwaad, zoals ziekte en het lijden daaraan) flink door het Christendom ‘geframed’. Hieraan gekoppeld zijn discussies over de zin van ziekte, en het principe van de hoop – kwesties waarover zowel patienten als artsen mee geconfronteerd worden. Het Hindoeisme en Boeddhisme bieden alternatieve lezingen.
    Een andere koppeling die Menno de Bree hier zal maken wil is die tussen het protestantisme en het kapitalisme. De hoge, burn out veroorzakende werkethos onder dokters heeft volgens mij duidelijk protestantse wortels

  • Moderniteit en Verlichting: Descartes’ gespletenheid, Hume’s altruïsme en Kants nadruk op de rede
    In de Verlichting komt het idee van de redelijke mens die zijn lot in eigen handen nemen kan, tot volle wasdom. Door de inzet van de rede, wetenschap en techniek kan de mens zijn eigen geluk realiseren, of een samenleving die hem gelukkig maken kan. De opkomst van de geneeskunde is hiervan een belangrijk voorbeeld. Het primaat van de rede, en het idee van autonomie als zelfbepaling ligt ten grondslag aan de WGBO, de praktijk van het informeren en toestemming vragen, onze ideeën over een goede dood et cetera. Ook de mondige patiënt die het allemaal zelf veel beter weet is een (bedenkelijk) uitvloeistel van het Verlichtingsadagium dat je zelf moet nadenken, en je niet moet verlaten op wat de experts je vertellen.

  • Romantiek. Rousseau’s cultus van het kind, Herder’s de mens als nationaal wezen
    Naast de Verlichting wordt ons huidige mensbeeld ook door de Romantiek bepaald. Het gaat dan niet alleen om de rede, maar ook om het gevoel, niet om het algemene, maar om het individuele en specifieke. Hier zit precies de spanning tussen geneeskunde (verlichting, algemeen) en geneeskunst (oog hebben voor het specifieke). Net zoals verlichting en romantiek niet goed met elkaar op een noemer te brengen zijn, geldt dat ook voor kunde en kunst

  • 19e eeuw: De chaos compleet: Schopenhauer, Darwin en Nietzsche. Doorwerkingen bij Heidegger en Foucault. De ‘oplossing’ van het subject.
    In de 19e eeuw breekt het besef door dat de wereld zich waarschijnlijk niet naar een einddoel ontwikkelt. Het resultaat daarvan is een dreigend zingevingsverlies. Dit heeft allerlei existentiële gevolgen – in de twintigste eeuw bloeit er daarom een hele therapeutische industrie op. Ook bij de dokter melden zich veel mensen met depressie en aanverwante klachten (verslavingen e.d.). Soms hebben die een biologische oorzaak, maar soms kan het ook om een lichamelijke uiting gaan van een onderliggend zin-probleem. Ook de dokter zelf worstelt hier mee: ‘ik ben dokter’ was vroeger voldoende om je bestaan te rechtvaardigen, maar dat is allang niet meer het geval. Maar hoe doe je dat dan wel?

  • Vervreemding: Rousseau (vervolg) en Marx.
    Tijdens de romantiek komt ook het concept ‘vervreemding’ op – een concept dat door Marx wordt herpakt, door te wijzen op de negatieve effecten van de ‘efficiënte’ manier waarop we produceren. Door de mens als productiefaciliteit te zien, en deze dienovereenkomstig te disciplineren, raakt men de voeling kwijt met wat men doet. Ook hier zijn de gevolgen in de spreekkamer te vinden (het moet immers wel iets met je doen, als je een bullshitjob hebt), en ook artsen zelf hebben last van die vervreemding, gezien het continue klagen over administratieve lasten en onderhandelingen met andere marktpartijen.

  • Authentiek leven:Kierkegaard en Sartre.
    Leiderschap gaat ook over de verantwoording nemen over je eigen leven. Maar waarom doen mensen dat maar niet? Patiënten blijven volharden in gedrag dat ze schaden zal, en ook voor dokters is het gemakkelijk om gewoon met de stroom mee te gaan. De laat-moderne mens weet dat hij zichzelf ontwikkelen moet (de eigen waarden moet scheppen), maar blijft tegelijkertijd ook op de drempel van dit project staan. We durven niet. Aan het slot van de cursus een analyse van deze conditie, en de vraag hoe je je als arts (zowel als persoon als professional) kunt verhouden tot een tijd waarin alles vloeibaar is geworden.


Cursusdata

Zie de mens!

Lees de patient tegenover u in de spreekkamer
Docent: Menno de Bree
Locatie: Kasteel Engelenburg, Brummen
Accreditatie: 12 punten aangevraagd bij het ABAN
Klik hier voor meer informatie en opgave.